Dagboek. Nusa Penida

Reisdagboek #49: Terug van weggeweest, terug in Azië!

Gepubliceerd op: 17-09-2017

Precies twee maanden geleden kon je lezen dat we plannen hadden gemaakt om Australië te gaan verlaten. Plannen om een hoofdstuk af te sluiten. Maar ook meteen plannen om nieuwe hoofdstukken te gaan schrijven. Plannen voor wederom een mooie reis met als start ook dit keer ons geliefde Azië. En nu precies twee maanden later is dit nieuwe avontuur begonnen. Dubbel en dwars genieten we van het reizen. Van het op pad zijn. En van het ontdekken van nieuwe plekken. Want zelfs na in totaal ruim 14 maanden in Azië te zijn geweest, weet dit continent ons nog steeds te boeien. Te raken. En te verbazen. In dit dagboek is het tijd om terug te blikken op de laatste periode in Australië en de start van reis 2.1 zoals we het zelf gekscherend noemen. 

Het avontuur genaamd Australië

De eerste week van september betekent voor ons de laatste week van een groot avontuur. Het grote avontuur dat Australië heet. Vertrokken we in oktober 2016 naar Perth met het idee om hier een maand of drie, misschien vier, te blijven, elf maanden later zijn we er nog. Niet per se omdat Australië onze harten heeft gestolen, want nee verliefd geworden op het land zijn we niet. Maar voornamelijk vanwege de uitstekende mogelijkheid om onze bankrekening te spekken. Voor zover dat mogelijk is, want Australië is duur. Heel duur. Maar we mogen niet klagen. En ondertussen hebben we een hoop mooie plekken in Australië gezien. Nog vaak praten we over de azuurblauwe zee van Lucky Bay vlakbij Esperance in het zuiden van West-Australië met haar schattige kangoeroes op het strand. Of de te gekke hikes die we maakten door Karijini National Park en de vele te gekke (gevaarlijke) dieren in Australië die we onderweg tegenkwamen. En natuurlijk hebben we vrienden gemaakt. Stuk voor stuk mensen die ons avontuur bijzonder hebben gemaakt en die we nooit zullen vergeten.

Roadtrip West Australië - Lucky Bay, Cape le Grand National Park. Kangoeroes op het strand

Een tijd van komen en een tijd van gaan

Op 6 september is dan het zo ver. Voor ons beide zit de laatste werkdag erop. Van verschillende mensen hebben we al afscheid genomen en onze bijna vier maanden in Kununurra sluiten we af met een barbecue met collega’s en bekenden. Een gezellige avond, maar ook een verdrietige. Want er zijn echt wel een aantal mensen die we flink gaan missen. Maar dit gevoel kan niet op tegen de zin om terug te keren naar Azië. Op donderdag 7 september pakken we de laatste spullen in, brengen we een tas met kleding naar het Leger des Heils, nemen we van nog meer mensen afscheid en worden we in de middag door onze huisgenoot en mijn collega Talia naar het vliegveld gebracht. De vlucht van nog geen uur laat ons nog een laatste blik werpen op het dorp waar we voor ons gevoel maandenlang zijn geweest (in werkelijkheid waren het er vier) waarna we ons nog twee dagen onderdompelen in alle gemakken die te vinden zijn in steden. We verblijven namelijk nog een weekend in Darwin in de staat Northern Territory voordat we daadwerkelijk naar Azië gaan.

Een weekendje Darwin

Darwin is de hoofdstad van de staat Northern Territory en hoewel het vergeleken met Kununurra een enorme wereldstad lijkt, is het in werkelijkheid niet heel groot. Veel is lopend te doen. Wij besluiten echter de bus te pakken naar het winkelcentrum Casuarina Square omdat onze garderobes nodig aan vervanging toe zijn (in Kununurra was er vrijwel niets anders dan een Coles supermarkt). Het winkelcentrum is enorm en binnen no-time hebben we we de tassen goed gevuld. Die avond gaan we uit eten met Iris – een collega van mij in Kununurra- die een dag later samen met haar vriend afscheid heeft genomen van het dorp. We eten heerlijk Thais en sluiten de avond af met wat drankjes. De volgende dag lopen we naar de Darwin Waterfront waar je op een aangelegd strand kunt chillen en een duik kan nemen in een subtropisch zwembad. Ook deze dag sluiten we af met Iris en Tim. Onder het genot van salades en broodjes bewonderen we de zonsondergang. En op zondag is daar dan eindelijk de dag dat we naar Azië vliegen. Om vijf uur in de ochtend pakken we met z’n vieren een taxi naar het vliegveld en om iets voor zeven vertrekt onze vlucht naar Bali. De backpacks mogen weer op. We gaan!

Dagboek. DarwinDagboek. Darwin Dagboek. Darwin

Een tweede kans voor Bali

De keuze voor Bali als startpunt van het derde deel van onze reis is nogal dubbel. Aan de ene kant zijn we niet heel enthousiast over het eiland dat we in 2016 ook al eens bezochten. Aan de andere kant is het een uitstekende bestemming om te acclimatiseren en onszelf een beetje vakantie te geven. We besluiten daarom om Bali een tweede kans te geven. En hopen dat we dit keer een andere kant van het eiland zullen zien. Aangezien we graag Nusa Penida willen bezoeken pakken we vanaf het vliegveld een taxi (Bluebird, altijd Bluebird!) naar Sanur. Eén van de plekken vanaf waar de boten vertrekken. We verblijven drie nachten in Sanur in een super fijn guesthouse waar de gastvrouw ons stevig vastpakte bij het afscheid. Drie dagen lang eten we op straat zoveel we op kunnen, laten we wat kleding maken die we echt niet weg wilden doen, maar van ellende uit elkaar vallen en koelen we af in het fijne zwembad.

Dagboek. Sanur, Bali. Eten bij een Warung Dagboek. Sanur, Bali Dagboek. Sanur, Bali Dagboek. Sanur, Bali Dagboek. Sanur, Bali

Nusa Penida, om verliefd op te worden

Na drie nachten in Sanur worden we op woensdag vroeg in de ochtend door de gastvrouw van ons guesthouse afgezet bij de haven in Sanur en stappen we op de boot naar Nusa Penida. Vorig jaar bezochten we de kleinere eilanden Nusa Lembongan en Nusa Ceningan, maar helaas hadden we niet genoeg tijd voor Penida. Maar goed dat we terug zijn gekomen dus! Op het moment van vertrek vertrekken er in totaal vijf boten, maar slechts één hiervan vaart naar Penida. De andere boten stoppen bij Nusa Lembongan. Van locals horen we al dat Lembongan het laatste jaar razend populair is geworden. Logisch. Maar stiekem ook een beetje jammer.

Nog in de haven raken we aan de praat met Tine (een Belgisch meisje dat alleen aan het reizen is door Indonesië) en eigenlijk raken we elkaar daarna niet meer uit het oog. In de haven van Penida huren we meteen een scooter zodat we direct naar ons guesthouse kunnen rijden en geen veel te duren taxi hoeven te betalen. Bepakt met twee backpacks en één rugtas proppen we ons op de scooter en maken we voor het eerst kennis met het enorm groene Penida. Onze accommodatie, Banana Homestay is nog mooier dan de foto’s doen denken. We worden welkom geheten met verse papaya en stappen na het opfrissen meteen op de scooter om op ontdekking te gaan. Al gauw komen we onderweg Tine tegen en we besluiten om de rest met z’n drieën te gaan afleggen. De wegen op Penida schijnen verschrikkelijk te zijn, maar het eerste gedeelte is juist hartstikke goed. Pas als we af willen slaan voor de tweede bezienswaardigheid, KelingKling snappen wat er bedoelt wordt. De weg is verschrikkelijk, maar alle hobbels, bobbels en steile hellingen zijn het meer dan waard. Wat een paradijselijke plek!

De volgende bezienswaardigheid, Angel’s Billabong en Broken Bay zijn nog moeilijker te bereiken, maar zonder kleerscheuren – maar met een zere kont – komen we aan bij wederom een prachtige plek. Helaas zijn de golven veel te hevig om het water in te kunnen. Doordat de wegen zo slecht zijn ben je al gauw een uur onderweg van de ene plek naar de andere en al snel komt het moment daar dat de zon onder gaat. We besluiten daarom terug te rijden naar het noorden van het eiland en stoppen onderweg bij een Warung (lokaal restaurant) om te eten.

Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida

Nusa Penida, mooier dan mooi

De volgende dag checken wij uit bij ons guesthouse, omdat we een goedkopere opties ( Penida Garden Bungalow ) hebben gevonden, maar tijdens het weggaan – met mijn backpack op mijn rug – presteer ik het nog even om van het trappetje af te kukelen. Met als gevolg schaafwonden op m n knieën en voet, een opgezwollen knie en een blauwe voet. Typisch dat ik de dag ervoor nog opmerkte dat er tijdens alle maanden dat we reizen nog nooit wat was gebeurt. Afkloppen dus de volgende keer. Na wat koelen, locals die bladeren op de plekken smeren en zalfjes smeren stappen we toch maar op de scooter omdat er nog zoveel moois is te ontdekken.

Deze dag starten we bij Manta Point vanaf waar we werkelijk waar zeker tien enorme manta rays (manta roggen) spotten. Zo gaaf om te zien! Hierna rijden we door naar de Guyangan waterval die enkel te bereiken is met een enorm steile blauwe trap vanaf waar je direct de afgrond in kijkt. Even kijken we het aan en we dalen een stuk naar beneden, maar met mijn hoogtevrees én dikke, blauwe knie besluiten we toch om halverwege weer naar boven te gaan. We zetten daarom snel nog één bezienswaardigheid op de agenda, maar die blijkt lastiger te bereiken dan gedacht. De weg naar de Tembeling Springs is zo slecht en doodeng en dat we regelmatig moeten afstappen. Eenmaal met de scooter beneden aangekomen is al zo laat dat helemaal naar beneden lopen en weer terug niet te doen is voor het donker wordt. Ons leven gewaagd voor niets dus 😉

Hoewel we eigenlijk besloten hadden om twee nachten door te brengen op Penida plakken we er toch nog een nacht aan vast. We zijn zo gek op het eiland. De laatste dag rijden we over het eiland, vliegen we een paar keer met de drone en stoppen we in random dorpjes. Het leukste van allemaal. In éen van de dorpjes worden alle kinderen helemaal enthousiast en word ik meteen uitgedaagd om te komen volleyballen terwijl Erick met de drone vliegt en iedereen helemaal door het dolle heen is. Dit zijn dé momenten die reizen zo bijzonder maken.

Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida Dagboek. Nusa Penida

Bedankt Nusa Penida

Hoewel we met gemak nog een week op Nusa Penida hadden kunnen blijven pakken we op zaterdagochtend toch de boot terug naar Bali. We hebben immers niet meer heel veel tijd voordat op 27 september onze vlucht naar Myanmar vertrekt. Vandaag, zondag 17 september zijn we aangekomen in Ubud. We hebben wat rondgelopen en heerlijk – maar echt! – gegeten bij een onwijs hip restaurant (daar gaat ons dagbudget 😉 ). Toch is Ubud niet ons ding. Vorig jaar kwamen we hier al een dag op de scooter vanuit Seminyak en beloofden we onszelf nooit meer terug te gaan, maar we hebben niet naar onszelf geluisterd. Zo meteen gaan we daarom op zoek naar een ander guesthouse, buiten de gekte van Ubud. Vanaf hier willen we voor een paar dagen een scooter huren om zo het noorden van Bali te kunnen ontdekken. Een regio waar we de vorige keer niet aan toe zijn gekomen.

Dagboek. Nusa Penida

Voor nu beloof ik dat er weer regelmatig reisdagboeken online zullen komen. Wil je de mooiste foto’s zien en bijhouden waar we zijn? Volg ons dan op Instagram

Liefs uit Bali!

Kirsten | Travelaar.nl - 30 jaar. Gek op; Tropische temperaturen, paradijselijke eilanden, malibu cola, tapas, sushi, hardstyle, hardcore, bordspellen, goede series en steden met een rauw randje. Hekel aan; Kou, sneeuw (eigenlijk gewoon de hele winter), uber-toeristische oorden, pittig eten en bier Favoriete landen: Laos & Spanje

Lees meer

7 reacties op “Reisdagboek #49: Terug van weggeweest, terug in Azië!”

  1. Super leuk dat jullie weer echt aan het reizen zijn! Het eiland klinkt echt super, de val als iets wat mij ook zou kunnen overkomen (in china miste ik een mini afstapje en verzwikte ik de enkel die ik een aantal weken eerder nog scheurde, tja…)

  2. Rianne schreef:

    Prachtig💋💋❤❤

  3. Jaaa, weer een reisdagboek! Superleuk om te lezen wat jullie aan het doen zijn en hoe jullie genieten 🙂 Te gek om weer lekker in Azië te zijn! Have fun!

  4. Marcella schreef:

    Zo leuk, weer een dagboek! Het eiland ziet er te gek uit, de kust met het blauwe water is echt geweldig! Prachtige foto’s ook, wauw! Ik wil ook weer op reis! 😉 Gelukkig zitten we volgende week in Griekenland. Zin in!

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.